Gebruik
SYS
mmHg
DI A
mmHg
PULSE
/min
Bedieningselementen
C Geheugenknop (M)
D Aan/uit-knop
38
MEMORY
C
D
F
G
H
Meting
F Systolische bloeddruk in mmHg.
G Bloeddrukindicator: knippert - meting wordt uitge-
voerd, licht op - meting uitgevoerd.
H Diastolische bloeddruk in mmHg.
J Geheugen: waarden in geheugen.
K Positie in het geheugen: 1 tot 28.
L Oppompen: manchet wordt opgepompt en de
meting begint.
M Ontluchten: manchet wordt ontlucht en de meting
is beëindigd.
N Batterij leeg: batterijen zijn leeg of bijna leeg.
P Polsslag: hartslagen per minuut.
RX-3 Nederlands
P
J
K
L
M
N